Het aanleggen van perimeterdraad kan op verschillende manieren. Het wordt aan de rand van het maaigebied gelegd en in lussen om obstakels, zoals bloemen of planten, gelegd. U kunt er voor kiezen om de draad in te graven of op het gazon vast te zetten met draadpennen. Het perimeterdraad geeft namelijk aan de robotmaaier aan waar er wel en niet gemaaid mag worden. Door het perimeterdraad goed aan te leggen volgens de handleiding van uw robotmaaier voorkomt u problemen en geniet u lang van een net gemaaid gazon. Perimeterdraad wordt ook wel begrenzingsdraad genoemd.
Hoe lang moet het perimeterdraad zijn?
Voordat u begint met het aanleggen van perimeterdraad is het verstandig om eerst te bepalen hoeveel meter draad u waarschijnlijk nodig heeft. Dit verschilt namelijk per tuin. Meet daarom vooraf het gehele af te zetten gebied. Zowel de grenzen van het gazon als de eventuele lussen rond obstakels. Een rechthoekige tuin zal bijvoorbeeld minder meters vragen dan een tuin met veel obstakels of rondingen. Zorg dat u altijd meer perimeterdraad besteld dan u nodig heeft. Wij raden aan om een marge van minimaal 10% te hanteren. Perimeterdraad is verkrijgbaar in verschillende lengtes en diktes. Wat perimeterdraad is, hoe het werkt en welk perimeterdraad u het beste kunt gebruiken leest u in ons artikel: Wat is perimeterdraad?
Het installeren van perimeterdraad met draadpennen:
De begrenzingsdraad kan bovengronds aangelegd worden met behulp van draadpennen. Draadpennen zijn een soort haringen waarmee de draad in de grond vast gezet kan worden. De algemene stelregels zijn als volgt:
Leg het perimeterdraad rond de gehele maaizone, beginnend vanaf het basisstation van de robotmaaier. Bij de meeste robotmaaiers dient de draad 15-30 cm van de rand van het gazon gelegd te worden. Zorg er verder voor dat het perimeterdraad 35 cm van een obstakel dat meer dan 5 cm hoog is gelegd wordt, 30 cm van een obstakel dat 1 tot 5 cm hoog is gelegd wordt en 10 cm van een obstakel van een hindernis die kleiner is dan 1 cm gelegd wordt.
Let op: deze maten zijn ter indicatie en kunnen per robotmaaier afwijken, raadpleeg de handleiding van uw robotmaaier om te zien hoe u de begrenzingsdraad het beste aanlegt voor uw robotmaaier.
Wanneer het perimeterdraad op de juiste plek ligt kunt u deze met de draadpennen in de grond slaan. Het is afhankelijk van uw gazon hoeveel draadpennen u nodig heeft. Meestal wordt geadviseerd om elke 50-100 cm één draadpen te gebruiken. En meer wanneer u een bocht in de draad aanlegt.
Zodra de draad op de juiste plek ligt zal het gras binnen een paar weken volledig over de draad heen groeien, waardoor deze niet meer zichtbaar is.
Het voordeel van het bovengronds installeren van begrenzingsdraad is dat u de maaizone gemakkelijk kunt aanpassen of repareren wanneer nodig. Is uw perimeterdraad stuk? Maar hoe repareer je perimeterdraad?
Maak bijvoorbeeld gebruik van een perimeterdraad reparatie set of gebruik losse draadpennen en draadverbinders om de draad te repareren met behulp van een stuk perimeterdraad.
Het ingraven van perimeterdraad:
Wanneer u kiest voor het ingraven van het perimeterdraad is het belangrijk dat dit goed gebeurt. Om dit te doen kunt u kiezen om een rechte schep of een kantensteker te gebruiken om de gleuven voor de draad te maken. De draad moet minstens 1 cm onder de grond liggen en mag meestal niet dieper dan 20 cm in de grond gegraven worden. Wordt de draad namelijk te diep gelegd dan kan het zijn dat uw robotmaaier het signaal niet goed meer opvangt en dus niet naar behoren werkt.
De diepte waarop het perimeterdraad moet liggen kan per machine afwijken, raadpleeg dus van tevoren de handleiding van uw robotmaaier over hoe u het aanleggen van de begrenzingsdraad het beste kunt aanpakken.
